Preek 24 november 2019, Lucas 23,44-46.50.52-53; 24,1-6a

Ds. H.C. Mulderij

 

Gemeente van Jezus Christus,

 

De tijd lijkt stil te staan. Het wordt donker om je heen. Een kopje valt op de grond. Er scheurt iets door midden, als je iemand moet missen, die jou na aan het hart ligt. Dat besef sijpelt soms zo langzaam naar binnen, dat je niet meer even kunt vragen hoe iets zit. Je kunt je verhaal niet meer kwijt aan hem of haar of dat je zo maar bij je geliefde kunt zijn. Je bent lam geslagen, wanneer de dood het leven binnen sluipt. Soms duurt dit gevoel even, soms langer. Maar je moet door, hoe hard het ook klinkt. Er moet de laatste eer bewezen worden. Een lichaam in de aarde zaaien of as tot as laten verworden. De ander is aan jou gegeven, niet als bezit, om vast te houden, maar om lief te hebben tot in eeuwigheid. Dat houden van verandert in tijden van afscheid en gemis. Dan ontvangt het licht dat je voor altijd bij je draagt en uiteindelijk draagt dit jou. Daar mogen we op vertrouwen, dat Gods licht dag in, dag uit er voor ons is. 

 

Van dit vertrouwen in het midden van de dood horen we ook in het verhaal van het lijden, sterven en opstaan van Jezus de Messias. Aan het kruis, een dieptepunt, dat tegelijk een hoogtepunt is – een dubbelheid, waar wij allemaal in ons bestaan mee te maken hebben gehad en nog zullen krijgen – aan het kruis roept Jezus tot Zijn Vader: “in uw handen leg ik mijn geest.” En daarna blaast hij de laatste adem uit. Zijn levenskracht verlaat zijn lichaam, terwijl hij vol vertrouwen los laat. Beseffende dat de Vader er is, ook op dit moment, waar jij geen controle op kunt hebben. Iets waar wij als mens zijnde veel moeite mee kunnen hebben. Je wilt vasthouden, juist niet loslaten. Bepalen hoe iedereen er op reageert, voorschrijven, dat het moet gaan zoals jij het wilt, terwijl het leven zich niet laat dicteren. 

 

Hoe meer je met het ongewisse, met dat wat je niet zelf in de hand hebt, geconfronteerd wordt, hoe meer je ervaart dat wat uiteindelijk echt telt, dat dat liefde is. Liefde leeft in vertrouwen. Het is er onlosmakelijk mee verbonden. Vertrouwen dat het goed zal komen, in leven en in dood, in wat jij als moeilijk beschouwt, waar jij een breuk ervaart. Vanuit die hoop leven we. Dat we elkaar eens weer zullen ontmoeten. Elk van ons heeft een dierbare geliefde aan Gods handen overgedragen: we hopen dat de liefde die we elkaar over en weer hebben gegeven, dat die niet stopt bij de dood, maar blijft. 

 

In de tijd na een overlijden gaan we met hem, haar die er niet meer is, respectvol om – net zo eerbiedig als Josef van Arimatea die het lichaam van de gekruisigde Jezus met de juiste zorg omringt en zo een daad van rechtvaardigheid betoont in een tijd, waarin het donker is. Ook de onschuldige die als een schuldige is gekruisigd, verdient alle waardigheid in de dood – iets waar wij in de wereld om ons heen, zien dat dit ontbreekt. Waar mensen die kritische noten zetten bij regels zoals de klokkenluiders bij de belastingdienst, bij omstandigheden die de enkeling dienen, waar aan de poten van de democratie gezaagd wordt in Hongkong en Polen. Waar mensen vanwege een schadelijke ideologie vernietigd worden, waar het leven niet meer mogelijk is en waar respectloosheid heerst voor wie niet bij de eigen groep hoort.

 

In dit morele failliet van deze wereld is vertrouwen hebben en houden in God de Vader in tijden van vervolging en dood niet altijd eenvoudig, maar het draagt bij aan het zien van een nieuwe tijd die zal aanbreken. Ook na het verscheiden van iemand zoeken we naar een bestaan, waar wij door de leegte en het gemis weer verder kunnen gaan. Dat we weer toekomst mogen ervaren. Dat dat vertrouwen niet stopt bij een breuk, maar ons draagt juist in deze tijd van verandering, dat alles zo anders kan zijn, nu je iemand mist. De uitdaging is: hoe doe je dat? Hoe ga jij vol vertrouwen op God verder? Leg jij jouw geest in Gods handen (Psalm 31,6), opdat ook jij verlossing, vrede mag ervaren? Dat ook al is iemand er niet meer, dat je de band mag blijven ervaren, omdat deze op liefde is geënt?

 

Het vertrouwen op de liefde van God is onderdeel van de goede boodschap van Jezus. Dat heeft hij in woord én daad gedaan en dat doet hij nog steeds – daarvan is hij de levende Getuige. De Levende dient ons als voorbeeld, wanneer we oog in oog komen te staan met nood in ons bestaan, waar wij niet aan kunnen ontkomen. Wanneer de dood ingrijpend in ons leven komt en ons van onze voeten zwiept, mogen wij in de loop van de tijd weer opstaan. Beetje bij beetje, stap voor stap zien welke herinneringen ons er door heen helpen, waar wij ervaren dat wij verder gaan in de geest van liefde van wie uit de tijd is gekomen. Waar een glimlach en een traan om wie er niet meer is, ons bestaan kleurt. Dan ervaren we vertrouwen, die dieper gaat dan we ons kunnen voorstellen. Dan zullen ook wij opgewekt worden. Amen.

Contactgegevens

Protestantse gemeente Grootegast/Sebaldeburen

Goede Herderkerk, De Gast 2, 9861 BM te Grootegast

0594-613073

Contact via email