Preek, gehouden op 25 augustus 2019, PG Grootegast-Sebaldeburen, Lucas 10,38-42

Ds. Rina Mulderij

Gemeente van Jezus Christus,

In ons leven hebben we met verwachtingen te maken. Verwachtingen vanuit je jeugd die je ouders via de bewuste en onbewuste boodschappen op je leggen, waar je in mee kunt gaan of er juist tegen in, omdat je beseft: dit hoort niet bij mij. Ook als je ouder wordt, kom je in aanraking met mensen die verwachten dat je het zo hoort te doen, maar waar je zelf een eigen weg mag inslaan. Zelfs in de kerk ontkomen we niet aan verwachtingen. Het kan soms wennen zijn aan een nieuw persoon op de kansel, in het bezoekwerk of aan iemand die misschien het werk in de diaconie vanuit een andere hoek wil aanpakken. Denk maar eens aan dat we de collecte via een app op de smartphone zouden kunnen doen – die mogelijkheid bestaat trouwens al. Of dat we samenwerken in een Platform met andere kerken in het Westerkwartier, omdat we zo slagvaardiger kunnen handelen op het gebied van armoedebestrijding in plaats van dat elke kerk het wiel zelf moet uitvinden. Ook op het vlak van het jeugdwerk is het de moeite waard om te kijken wat er mogelijk samen kan worden gedaan of waar je kunt delen in wat er goed ging. Maar ook dan krijgen we met verwachtingen te maken.

Het is dan zorg om goed te kijken wat iemand kan, wat er mogelijk is. Je kunt elkaar niet de maat nemen, verwachten dat die ander het net zoals jij in de gaten heeft wat er moet gebeuren of dat deze persoon daarvoor ook de talenten heeft om iets voor elkaar te krijgen. Ik hoef alleen maar hetwoord ‘moeder’ te laten vallen en de één vindt dat je te slap in de opvoeding bent, een ander testreng en een derde vindt dat je toch wel weer eens aan het werk zou moeten gaan of waarom moet je zo veel uren werken? Probeer het dan maar eens goed te doen. Je kunt dan alleen je eigen weg gaan. Natuurlijk: als je om raad vraagt hoe je iets kunt aanpakken, dan kan de ander een suggestie doen om het eens over een andere boeg te gooien.

Ook over Marta en Maria wordt er veel gezegd. Marta zou te vinnig zijn. Ze wil het te perfect doen, zo danig dat het werk haar over de voeten stroomt: ze heeft op deze manier een risico op een burn- out. Maar Maria wordt tegenover Marta gezet: zij zoekt het beste deel op. Zij slooft zich niet uit,maar zit als de andere mannelijke leerlingen aan Jezus’ voeten te leren door naar zijn woorden teluisteren. Maar waarom stelt Maria dan geen vragen? Waarom horen wij haar stem dan niet? Ze valt zo wel in een typische vrouwenrol: je mag wel gezien worden, maar we willen je niet horen. Marta en Maria zijn vaak als beelden voor vrouwen tegenover elkaar uitgespeeld. Dat de één beter zou zijn dan de andere. Ook hier weer die verwachtingen die een mens klem kunnen zetten in het leven, die je niet helen in het bestaan, die jou van God afhouden.

Als achtergrond van dit verhaal kan de vraag dienen naar wat is belangrijker: leren of doen? Onder sommige Farizese rabbijnen was deze vraag belangrijk: ze gingen vaak in discussie over dit punt. Dit vraaggesprek komen we ook tegen in het verhaal dat hier vlak voor staat: het voorbeeldverhaal van de barmhartige Samaritaan, dat Jezus vertelt als antwoord op de vraag van de wetgeleerde, die Jezus op de proef stelt: wie is mijn naaste? Je kunt daar wel over nadenken, het leren wie is mijn naaste, maar belangrijker is het doen in ons bestaan. Jezus sluit dit leergesprek niet voor niets afmet “doet u dan voortaan net zo.” Wees barmhartig met wie een appél op je doet.

In dit verhaal over Marta en Maria komt het doen sterk naar voren. Marta staat hier symbool voor de weg van het doen. Een weg die een persoon soms veel kan kosten. Als je maar door en door en door gaat zonder eens even een pas op de plaats te maken, zo van: “wat doe ík nu eigenlijk? Waar liggen mijn prioriteiten? Doe ik de dingen die ik wil doen en doe ik dingen zoals ik dat wil? Of kan ikwel wat hulp gebruiken?” Het veel willen doen kan jouw geest zo danig vullen, dat je geen oog hebtvoor wat is er echt nodig. Je hoofd zit vol. Je bent druk, druk, druk en voor andere dingen is er geen tijd meer.

En dan de vraag: wat is belangrijker? Leren of doen? Ik denk niet dat je dit zo tegen elkaar kunt uitspelen. Je hebt mensen die kunnen goed dingen met de handen doen: ze zien het voor zich en wat ze in hun hoofd hebben en dat maken ze. Anderen hebben het werk met het hoofd onder de knie gekregen. Theorieën uitwerken zoals Einstein, Stephen Hawking of wat ik een tijdje terug in defilm “Hidden Figures” [https://nl.wikipedia.org/wiki/Hidden_Figures] heb gezien hoe een zwarte vrouw indrukwekkende wiskundige berekeningen bij NASA kon doen, zodat de eerste mens op de maan kon landen én terug kon komen de aarde. De één staat niet hoger dan de ander: we hebben elkaar nodig, de doeners en de denkers, de dromers en de beslissers, want samen kunnen wij er wat moois van maken.

Vandaag kies ik niet voor de weg van het leren of voor de weg van het doen, maar voor de derde weg: die van de Heer. Jezus wordt in deze vijf verzen drie maal met Heer aangesproken. Dat vind ik opvallend. Dat roept bij mij de vraag op: wat voor Heer wil Jezus hier zijn? Kiest Jezus hier voor de mensen die goed kunnen leren of die goed kunnen doen? Nee, Jezus speelt hier niet mensen tegen elkaar uit. Hij leidt hen naar de ware bestemming: namelijk naar het leven met Hem. Daar wijst hij op met dat er maar één ding noodzakelijk is (vers 42). Leren kan niet zonder doen en doen niet zonder leren. Er hoort een balans tussen beide te zijn, opdat we leven met ‘wat er echt toe doet’.Dit zou de enige verwachting mogen zijn met het oog op het Koninkrijk van God. Al het andere valt bij Jezus weg. Hij bevrijdt ons van het moeten dat wij op elkaar, op onszelf leggen en leidt ons naar de ware kern van het leven. Leren en doen van liefde vallen samen in het leven met Jezus: het overstijgt alles. Paulus beschrijft dit als de meest voortreffelijke weg (1 Korintiërs 12,31-14,1) van liefde die we mogen najagen, want als je het met liefde doet, komt de rest erbij en valt alles op z’n plek.

Janneke, Irene en Nanne, vandaag worden jullie bevestigd in het ambt van jeugdouderling of verbonden aan de taak van de diaconale rentmeester. Samen met de gemeenschap van Jezus Christus zijn jullie geroepen om de weg van de Heer te gaan. Ook jullie krijgen met diverse, soms ook tegenstrijdige verwachtingen te maken en ik hoop dat jullie te midden daarvan de juist, passende keuze met het oog op de Heer te maken. De inzet voor de kinderen en de jongeren van onze gemeente vraagt om een lange adem, geduld, volhouden om er voor hen te zijn, te dienen met: wat heb jij nodig om bij Jezus te horen? Ook binnen de diaconie kun jij je inzetten voor wie in nood is – soms een moeilijke opgave, want aan wie geef je en doe je er goed mee? Welke overweging maak je, opdat er toekomst zal zijn? Maar maak je niet te moe of te druk: weet je gedragen door de gemeente, op wie je ook een beroep kunt doen. Samen zijn wij geroepen om bij Jezus te horen. Dat is het noodzakelijke om te leven. Amen.

Contactgegevens

Protestantse gemeente Grootegast/Sebaldeburen

Goede Herderkerk, De Gast 2, 9861 BM te Grootegast

0594-613073

Contact via email