Preek, gehouden op 18 april 2019, Johannes 13,1-15

Ds. H.C. Mulderij

Gemeente van Jezus Christus,

Op Witte Donderdag staat vaak dit verhaal van de voetenwassing op het leesrooster en iedere keer blijf ik mij verwonderen dat Jezus van alle twaalf de voeten wast, dus ook die van Judas. Ook Judas ervaart aan zijn lijf dat hij bij de twaalf hoort, terwijl hij straks zijn huiveringwekkend verraad zal verrichten. Trouwens hier in het evangelie van Johannes doet hij dat zonder een kus, maar Judas kent wel de plek, waar Jezus vaak met zijn leerlingen komt. De opmaat voor het verraad komt aan het begin van het tafelgesprek naar voren, verteld door de evangelist. De ontmoeting met de duivel, degene die alles door elkaar gooit, laat Judas niet ongemoeid. Zijn leerlingschap is in dit contact te grabbel gegooid, beproefd en niet geheel van harte meer. Het is verstoord, verduisterd en toch Judas laat zijn meester nog niet geheel los. Er is nog verbondenheid, die op de proef wordt gesteld. Deze dubbelheid van ‘hoor ik wel of niet bij Jezus’ werkt verscheurend. Iets dat Jezus bemerkt tijdens het wassen en dat hij ook openlijk zegt, dat ze niet allemaal rein zijn.

Toch wordt het wassen voorafgegaan door liefde. Jezus houdt van allen die bij hem horen en dat zijn liefde tot het uiterste zou gaan. Eigenlijk zit mijn verwondering bij die liefde van Jezus. Een liefde die zo groot is dat die zelfs het verraad, ingefluisterd door het duister, te boven komt.Jezus’ liefde kent zo’n overschot, een surplus, die niet het kwaad bedekt, maar haar weet te overwinnen met goedheid, met omkering van de gebruikelijke orde, zelfs door de dood heen. Die liefde van Jezus wekt verwarring, onbegrip op bij alle leerlingen. Petrus is hier als het ware de spreekbuis van. Als enige van de leerlingen spreekt hij. In heel hoofdstuk 13 is Petrus overigens de enige leerling die spreekt naast Jezus, en toont hij zich een leerling die net even tegraag Jezus wil volgen, zonder goed de consequenties te overzien en tegelijkertijd vat hij dit handelen van Jezus niet. Hij protesteert tegen een Messias die door de knieën gaat, die zich klein als een slaaf maakt, net als tegen het beeld van een Messias, die uitgeleverd zal worden, zal lijden en sterven en die na drie dagen opstaat. Maar Petrus wil er ook bij horen, deel aan Jezus’toekomst krijgen.

Als Jezus zijn bovenkleed aflegt, de voeten wast en droogt, wil hij door dit voorbeeld de leerlingen tonen hoe hij zijn liefde ziet. Die liefde stopt niet bij zijn vrienden, maar gaat door ook bij wie zijn tegenstander is. Zelfs mensen die hem niet begrijpen, slaat Jezus niet over, maar hij wil hen meenemen in zijn liefde. Je hoeft het niet met iedereen eens te zijn, maar dat betekent niet dat die liefde daar dan maar bij stopt?

Jezus geeft een voorbeeld van dienstbaarheid binnen de gemeenschap van leerlingen, wat zij voor elkaar moeten doen. Dit is ook voor onze gemeenschap in Jezus’ naam van belang. Hoe tonen wij aan elkaar die liefde, die Jezus ons geeft? En die liefde is ook een teken van verbondenheid, hoe weerbarstig wij kunnen zijn, tegenover elkaar en ook tegenover Jezus. We hebben met onze moeiten te kampen, die mee komen in geloof, in de gemeenschap van leerlingen, in het botsen van karakters, strubbelingen, halsstarrigheid, onwetendheid, onbegrip voor elkaar. Als Jezus al zichzelf dienstbaar maakt aan de liefde die alles overwint, die zich niet onderwerpt aan voorwaarden, maar onvoorwaardelijk er is. Jezus’ liefde gaat niet ten koste vanvijandschap. Daar buigt hij zich niet voor. Daar geeft hij zich niet ten offer aan.

Jezus gaat door de knieën, omdat hij dat kan doen vanuit zijn rijkdom van liefde en macht die van de Vader komt. Die overvloed geeft hij door aan alle mensen die bij hem willen horen. Ook al zal hij met de daad van verraad, verloochening, van kruis en graf geconfronteerd worden. Blijf jij er dan ook bij? Hoe weet jij in dit alles te verduren? Geduld hebben met wie anders is, geduldig zijn ook voor jezelf, hoe jij aan die relatie met Jezus vorm geeft te midden van alles wat er kan gebeuren, die deze band wil breken, je van de goede weg wil afhouden? Hoe trouw ben jij om bij Jezus te horen?

Dit voorbeeld van Jezus vraagt om onze navolging. Dat wij niet alleen met onze mond, maar ook met onze handen, voeten, gedachten belijden dat Jezus onze Heer is. Deze liefde vraagt om wederkerigheid, dwars door onze eigen vijandigheid, haat, zonde, opdat wij ons laten enten op deze ware wijnstok (Johannes 15,1-8). Dat wij ons laten snoeien aan elkaar in Jezus’ naam. Datvraagt van ons om onder ogen te komen, wat ons van die band weg houdt. Dat is geen eenvoudige taak, maar we mogen dat volbrengen met de kracht die ons geschonken is via de Geest, via de genade die God ons om niet geeft, dankzij de liefde van Jezus voor ons. Als de ware meester en Heer is Jezus als een dienaar geworden, opdat wij zullen leven, dwars door de dood heen. Amen.

Contactgegevens

Protestantse gemeente Grootegast/Sebaldeburen

Goede Herderkerk, De Gast 2, 9861 BM te Grootegast

0594-613073

Contact via email