Preek, gehouden op 1 januari 2018, Handelingen 4,8-12

Door ds. H.C. Mulderij

Gemeente van Jezus Christus,

Er schuilt kracht in de naam van Jezus. Dat komt hier in het verhaal van de nasleep van de genezing van een verlamde sterk naar voren. Petrus geeft antwoord aan het Sanhedrin, de joodse raad, die als een rechtbank op het gebied van religieuze aangelegenheden diende en die voor het interne bestuur van Jeruzalem en Judea verantwoordelijk was. De genezing van een man die al meer dan veertig jaar verlamd was en dag in, dag uit bij de Schone poort van de tempel gebedeld had, wekt verwondering op, want hoe is dit mogelijk? Maar een deel is ook gepikeerd, doordat Petrus en Johannes een grote menigte hebben toegesproken en het volk hebben verteld van de opstanding uit de dood en wat er met Jezus gebeurd is. Aan het begin van dit hoofdstuk staat er dat er naar aanleiding van deze toespraak velen tot geloof komen. Woede speelt ook een rol bij het oppakken van Petrus en Johannes. In de zuilengang van Salomo in de tempel, in het heilige, grijpen de priesters, het hoofd van de tempelwacht en de Sadduceeën hen beiden en een dag later staan Petrus en Johannes voor een raad van zeventig leden, die onder geen beding rumoer in de tent willen hebben. Een deel van het Sanhedrin wil niet dat de Romeinen hoeven in te grijpen, zodat de tempeldienst in gevaar komt.

Het is volgens mij ook frappant te noemen dat alle schuld aan Jezus’ dood bij de oudsten, de priesters, de hoofden van belangrijke families, de bouwlieden uit vers 11, in de schoenen wordt geschoven, terwijl de Romeinen ook een aandeel hierin hadden – zij hadden de macht om iemand ter dood te brengen. Is dit dan een motief van de schrijver Lucas die aan goede relaties met de Romeinse organisaties de voorrang heeft gegeven en die de Romeinen in een zo goed mogelijk licht wil stellen ten koste van de Joodse leiders? Laat Lucas hier een latere ontwikkeling zien, waar de Jezusbeweging van de synagoge meer en meer afstand heeft genomen en dat deze een eigen weg ging bewandelen?

Petrus wekt hier wel een spanning op, die later kenmerkend is voor het verschil tussen wie volgt Jezus en wie niet: voor wie is de naam van Jezus Christus uit Nazaret een naam die redding biedt? Deze spanning trekt lijnen tussen mensen, tussen groepen en individuen. Ik denk ook dat we voorzichtig moeten zijn met het zeggen dat de tegenstanders van Petrus het bij het verkeerde eind hebben gehad – we zitten dan zo bij het antisemitisme, de Jodenhaat, die tot geweld tegen Joden kan leiden en daar hebben wij de uitwassen in de geschiedenis gezien en ook in onze tijd is er nog steeds haat en uitsluiting van Joden... Ook moeten we voorzichtig zijn in het spreken dat wie Jezus Christus nooit heeft gekend, zelfs nog nooit van zijn naam heeft gehoord – dat is immers ook nog steeds mogelijk - dat deze mensen van redding zijn buitengesloten. Ik geloof dat God zo veel groter is en dat Hij werkt op zijn manier in ons leven.

Ondanks deze donkere tinten in dit verhaal – dat de schuld exclusief bij de Joodse leiders wordt gelegd, om met de woorden van Jacob Revius te zeggen: T’en zijn de Joden niet, Heer Jesu, die u kruisten – wil ik het accent leggen op het volgende: hoe willen wij dit jaar de naam van Jezus Christus met ons mee dragen? Ontlenen wij wel kracht aan zijn naam? In deze toespraak van Petrus wordt Jezus’ naam verbonden aan de kracht om te genezen, om je te redden. Binnen het boek Handelingen is redding een belangrijk begrip: het gaat om redding vanuit zonde en dat je Gods Rijk binnen gaat. Iets anders gezegd: je hebt weer toekomst, het leven lacht je weer toe. Gezondheid speelt hierin een rol en zo is het ook met de nieuwjaarswensen die wij elkaar toewensen in “veul hail en zeeg’n” of “in sûn en lokkich nijjier”. Dat we met de zonnige zijde van het leven te maken krijgen, dat de gezondheid ons niet in de steek laat, dat we met elkaar goede relaties opbouwen, zowel in de kerk, als op het werk, in het dorp, met de mensen die we liefhebben en die we niet zo mogen.

Ik vind het ook bijzonder dat Petrus hier ondanks dat hij de schuld voor Jezus’ dood bij deze leiders legt en ondanks hun afwijzing, dat Petrus de deur open laat staan voor hen, dat ook zij redding mogen proeven. Ik zie daarin de woorden van Jezus: dat je je vijand lief moet hebben; dat je door jouw liefde mensen nieuwsgierig maakt naar wie is die Jezus en naar God, die leven wil, die wil dat heel de schepping van Gods liefde doordrenkt zal zijn, opdat we heel, verzoend en vol vertrouwen in Hem door het leven zullen gaan.

In de naam van Jezus Christus schuilt kracht voor iedere dag. Ook in dit nieuwe jaar willen wij ons richten op deze boodschap van Godswege, dat wij het niet bij het oude hoeven te laten, maar dat God ons een open hand reikt om deze wereld met liefde, heil en vertrouwen op te bouwen. Ook al lijkt het soms maar klein – in de eigen familiekring, binnen onze gemeenschap – toch mag dit ons sterken: dat God naar ons leven omziet en ons wil redden in de naam van Jezus Christus. Amen.

Contactgegevens

Protestantse gemeente Grootegast/Sebaldeburen

Goede Herderkerk, De Gast 2, 9861 BM te Grootegast

0594-613073

Contact via email